Dit betekent de bieb voor mij:

U zult hem niet direct als dusdanig herkennen, maar de keurige meneer met de bril en de ringbaard die u soms in onze bieb ziet zitten -lezend in de krant of bladerend in een boek van griekse mythen en sagen, soms stiekempjes tukkend in een leunstoel van de leeshoek- die meneer is dakloos.

Ik ken hem, heb hem begeleid als hulpverlener. Het doet me verdriet dat zijn pad nu langs thuisloosheid loopt, vanwege hoe zijn geest en onze overheid in elkaar steken.

Hij is een lezer, net als ik. Hij voelt zich veilig in de bieb, net als ik. De bieb is zijn toevluchtsoord voor overdag. Net zoals ik vroeger tussen de vriendelijk naar mij knipogende boekruggen vluchtte om aan mijn pestkop te ontkomen.

Als ik hem tref, praten we zachtjes, verheugd elkaar weer eens te treffen, in de warme en gastvrije sfeer van onze bieb.

Francine Bakker, Nijmegen